Hoe het begon
Merel Hoekstra en Joost van Dam leerden elkaar kennen als trainers bij een vereniging in Amstelveen. Ze liepen allebei tegen hetzelfde aan: groepen werden ingedeeld op de dag waarop mensen konden, niet op hoe goed ze speelden. Een beginner stond naast iemand die al tien jaar competitie speelde. De beginner haakte na een seizoen af, de gevorderde verveelde zich.
In 2014 huurden ze voor drie avonden per week één baan in een park in Amsterdam-Zuid. Ze hingen briefjes op in de buurt en schreven de eerste veertien leerlingen in een schrift, met naast elke naam een speelsterkte. Wie in een groep zat, zat er omdat het niveau klopte, niet omdat de dinsdag uitkwam.
We wilden niet de grootste school worden. We wilden dat niemand meer zou stoppen omdat hij in de verkeerde groep stond.
Merel Hoekstra
Dat bleek aan te slaan. Na een jaar waren het er zestig, na drie jaar huurden ze vier banen. Toen ouders vroegen of hun kinderen ook konden komen, haalden ze Sanne Visser erbij, die net haar opleiding bewegingsonderwijs had afgerond. Zij bouwde Tennis Kids op volgens de kleurenroute van de KNLTB, met de rode, oranje en groene bal.
De naam ontstond in die eerste jaren: level, het niveau waar alles om draait, met een uitgang die een van de eerste leerlingen erachter plakte omdat het volgens haar klonk als vooruit. Het was half een grap. De naam bleef hangen.
Vandaag is het schrift vervangen door een gewone administratie, maar elke leerling heeft nog steeds een speelsterkte in ons systeem staan, en elke trainer kijkt na elk blok van tien lessen of die nog klopt.